Missie en Visie

Missie van de school 

Da Vinci Berkelland is een speciale school voor hoogbegaafde kinderen in de leeftijd van 6 t/m12 jaar. Bij deze kinderen met een hoge intelligentie  (richtlijn IQ 130is vast komen te staan dat het regulier basisonderwijs onvoldoende aansluit bij de specifieke onderwijsbehoeften van deze kinderen. Die specifieke vragen zijn primair gerelateerd aan de hoge intelligentie van het kind. 

De kracht van Da Vinci zijn de kinderen zelf. Zij vormen samen de groep waarbinnen hoogbegaafde kinderen zichzelf kunnen zijn, vinden en worden. De kerndoelen voor het primair onderwijs zijn leidend voor het onderwijsaanbod en voor de te behalen onderwijsresultaten. Daarnaast krijgen kinderen volop de gelegenheid voor verdieping en verrijking van kennis en vaardigheden ten opzichte van deze kerndoelen.  

Kinderen leren om beter met hun bijzondere talenten en/of beperkingen om te gaan en deze op een positieve manier te vertalen naar mogelijkheden binnen hun eigen ontwikkeling naar actief burgerschap en een positieve bijdrage aan de maatschappij.  

Ons onderwijs richt zich op drie pijlers, met als doel om de leerlingen te begeleiden tot het vinden van een persoonlijk antwoord op de vraag hoe ze als hoogbegaafd mens een bevredigende bijdrage aan de wereld kunnen leveren. Deze pijlers zijn: 

  1. Kennis – leren 
  • Aanbod van kerndoelen voor basisvakken 
  • Plusvakken met doelen zoals Engels en Creatief denken 
  1. Individualisatie – ontwikkelen 
  • Samenwerking 
  • Zelfstandig werken 
  • Plannen 
  • Leren leren 
  • Identiteit – Wie ben ik? 
  1. Socialisatie – vormen 
  • Zelf nadenken 
  • Iemand worden 
  • Strategisch, creatief en probleemoplossend denken 
  • Hoe wil je met de wereld omgaan? 
  • Welke dingen wil ik graag leren? Wie wil ik worden, zijn?  Hoe wil ik zijn? 

Welbevinden en betrokkenheid van de leerlingen zijn de basis waarop wij onze pijlers willen bouwen. Elk kind verdient een schoolomgeving waar het zich gezien en gehoord voelt door leerkrachten en klasgenoten. 

 

Visie van de school 

Om onze missie vorm te geven hanteert Da Vinci de volgende speerpunten (in willekeurige volgorde): 

  1.  Structuur en zelfstandigheid  

Door structuur te bieden geef je kinderen duidelijkheid. Structuur geeft houvast om je eigen weg te zoeken. Wanneer je kinderen zelfstandig wilt laten werken zijn structuur, feedback en beloning zeer belangrijk. Bij structuur horen ook regels/afspraken en rust. Kinderen moeten tevens kunnen reflecteren en het is dan ook belangrijk dat ze te weten komen waar ze goed in zijn en waar ze nog aan moeten werken, daarbij hebben ze veel aan goede feedback. De kinderen worden hierbij gecoacht door een geschoolde leerkracht.  

  1.  Groeperen van ontwikkelingsgelijken  

Hoogbegaafde leerlingen gelegenheid bieden ontwikkelingsgelijken te treffen. Basisschool Da Vinci groepeert leerlingen samen met gemiddeld 15 leerlingen. 

  1.  8 jaar basisschool  

Leerlingen 8 jaar basisonderwijs bieden, zodat voorkomen wordt dat leerlingen vroeg doorstromen naar het voortgezet onderwijs. Met vroeg wordt bedoeld sociaal emotioneel, fysiek en/of motorisch nog niet rijp voor het voortgezet onderwijs. Door het rijke aanbod dat de kinderen krijgen en de mogelijkheid tot  werken op eigen niveau/leerlijn binnen de vakgebieden taal, spelling, begrijpend-  technisch lezen en rekenen is het versnellen in principe niet aan de orde. Dat betekent in de praktijk dat de snelheid, waarmee leerlingen zich op cognitief gebied in de kernvakken ontwikkelen aansluit bij die van het regulier onderwijs (m.u.v. het rekenen) 

  1.  Uitdagend onderwijs  

De kernvakken worden compact aangeboden. Dit levert ruimte op voor andere vakken of activiteiten, die niet binnen het regulier leerstof aanbod vallen zoals: Creatief DenkenEngels, Spaans, Schaken en programmeertalen, Leren Leren, eigen projecttijd, Challenges en ateliers. 

  1.  Top down lesgeven  

Op basisschool Da Vinci wordt top down les gegeven. Dat wil zeggen dat er zo veel mogelijk eerst wordt uitgelegd waar de lessen uiteindelijk toe moeten leiden, waarna de benodigde onderdelen aangeboden en nog in zoverre geoefend worden als nodig is. Hierbij zal het automatiseren bijvoorbeeld nodig blijven.    

  1.  Motivatie  

Niet alle hoogbegaafde leerlingen zijn (nog) gemotiveerd om te leren. De redenen hiervoor zijn zeer divers. Bijvoorbeeld: eenzijdige interesse, zich aanpassen aan het niveau van de klas, opgelopen hiaten door versnellen enz. Door het contact met andere hoogbegaafden, het uitdagend onderwijsaanbod en de topdown benadering bij het aanbieden van nieuwe leerstof komt deze motivatie bij de meesten weer terug. Veel aandacht wordt besteed aan het leerproces, dus aan het Leren Leren. Het leren doorzetten is daar een onderdeel van.    

  1. Executieve functies ontwikkelen en Leren Leren (psycho-educatie) 

Executieve functies zijn ‘vaardigheden die mensen nodig hebben om taken uit te voeren’We onderscheiden twee categorieën waar we met de leerlingen planmatig en doelgericht aan werken: 
De eerste categorie zijn de functies gericht op doelen zoals planningorganisatietime-managementwerkgeheugen en meta-cognitie. 

De tweede categorie waar we aandacht aan besteden zijn de functies gericht op het gedrag zoals reactie inhibitieemotie regulatievolgehouden aandachttaakinitiatieflexibiliteit en doelgericht doorzettingsvermogen. 

Zo leren en ondersteunen we onze leerlingen om doelen te realiseren en het gedrag wat daarbij hoort aan te leren en aan te sturen. 

  1. Brede aandacht voor veelzijdige ontwikkeling en een rijke leeromgeving en Creatief Denken 

Om tegemoet te komen aan alle aspecten van de ontwikkeling van de leerlingen wordt binnen dit onderwijs aandacht besteed aan kunst, cultuur en sport. We bieden veel ruimte voor creativiteit en expressie. Zo hebben we in het programma voor beeldende vorming, dans en drama opgenomen. Tenslotte wordt er aandacht besteed aan sociale vaardigheden en aan bijvoorbeeld het omgaan met hoogbegaafdheid.    

  1. Zorg voor leerlingen/rol van leerkracht als begeleider 

De rol van de leerkracht is om problemen te signaleren en aan te kaarten. In overleg met ouders en kind wordt er naar oplossingen gezocht. Belangrijk daarbij is het kind ervan bewust te maken dat het kind eigenaar is van zijn/haar eigen ontwikkeling. Daarbij is het van belang te kijken naar belemmerende en compenserende factoren bij het kind (lichamelijk, gedrag, leren) en bij de omgeving (binnen school, buiten school). Bij het generen van oplossingen wordt rekening gehouden met de belemmeringen, maar wordt vooral gebruik gemaakt van de mogelijkheden bij een kind en zijn/haar omgeving. Ook hierbij is coaching zeer belangrijk.